Berichten weergeven met het label weidegang. Alle berichten weergeven
Berichten weergeven met het label weidegang. Alle berichten weergeven

27 jun. 2014

Kiest Groningen voor megastallen of voor weidegang?


Onderstaande tekst van Statenlid Provincie Groningen voor GroenLinks Nienke Homan is gepubliceerd in Trouw op 26 juni.

Vanaf 1 juli mogen melkveehouders in de provincie Groningen uitbreiden tot een bouwblok van 4 hectare. Dat is een gebied ter grootte van 8 voetbalvelden dat vol gezet mag worden met stallen, schuren, silo's etc. Groningen gooit daarmee vlak voor het opheffen van de melkquotering de grenzen omhoog. Wel met een duurzaamheids-score systeem zodat de melkveehouders de groei moeten verdienen. Deze duurzaamheidsscore is echter beperkt. De ammoniakuitstoot wordt aan banden gelegd, maar alleen per dier en niet in het totaal. Meer dieren leiden dus alsnog tot veel meer ammoniakuitstoot. En met het huidige verdienmodel gaan er zeker meer dieren komen. Een bouwblok van 4 hectare betekent al snel 600 melkvee en 300 jongvee en dat kunnen er meer zijn. Dat gaat richting Intensieve Veehouderij en Nederland heeft al kennis gemaakt met de gevolgen daarvan. Als er in dergelijke stallen brand of een dierziekte uitbreekt, zijn de gevolgen niet te overzien.

De provincie Groningen wil koploper duurzame landbouw zijn. Maar de echte maatregelen die dat kunnen bereiken laat ze achterwege. Voor een duurzame landbouw met een prettig effect op de omgeving is weidegang pas echt een goed verdienmodel voor iedereen: niet alleen voor de boer, maar ook voor de koe, de omwonenden en het milieu. Koeien kunnen maar 2 kilometer lopen dus de boer is gedwongen om omliggend land te gebruiken als weide. De strond en urine wordt los van elkaar uitgescheiden door de koe. In de gierkelder komt dit alsnog samen en leidt tot hele giftige gassen die de boer met dure installaties in de kelder moet houden en af moet voeren. De aan- en afvoer van deze mest leidt tot veel vervoerbewegingen naar elders in het land. Urine en mest op het land betekent een rijke ondergrond en natuurlijk een prachtig zicht op koeien in de wei. De meeste boeren en burgers zijn voor weidegang.

Door weidegang als harde eis voor uitbreiding te stellen voorkomt de provincie een hoop problemen: ongebreidelde groei van rijke boeren waarbij de trend van steeds meer koeien die geen daglicht zien wordt doorbroken en megastallen als industriële bouwblokken zonder land of een agrarisch karakter die niet passen in het Groningse landschap. Gemeenten kunnen weidegang en de rest van het Groninger verdienmodel als voorwaarde voor uitbreiding onder de 2 hectare stellen en zo ook bijdragen aan aan de verduurzaming van de landbouw.

De keuze van de huidige coalitiepartijen van Groningen om stallen uit te laten breiden tot 4 hectare hebben we als GroenLinks niet tegen kunnen houden. Maar we kunnen wel oproepen tot een echte stap in duurzaamheid door twee dingen:

- maak weidegang een verplicht criterium voor uitbreiding
- laat het Groninger verdienmodel gelden voor alle uitbreidingen, ook onder de 2 hectare.

Bovendien zou het wenselijk zijn als de provincie de rust neemt om ook de handhaving en juridische basis te regelen. Een eenmaal toegestane en gebouwde stal laat zich immers niet makkelijk afbreken.

De burger en de gemeenten hebben een grote rol in de verduurzaming van de veehouderij. Weidemelk kost slechts een weinig meer en wordt vermeld op de pakken. De gemeenten kunnen de bovengrens voor uitbreiding stellen waar ze willen, dus ook op max 2 hectare. Als de coalitie van groningen nou ook kiest voor weidegang en een breed geldend Groninger verdienmodel, kan Groningen toch nog wel eens echt koploper duurzame melkveehouderij worden!

28 mei 2009

Inspraak tegen megastallen bij Provinciaal OmgevingsPlan Groningen

Woensdag 13 mei werd een hoorzitting gehouden voor bezwaren vanuit het publiek tegen het nieuwe Provinciale OmgevingsPlan (POP) van de provincie Groningen. Er waren veel veehouders die graag wilden uitbreiden maar daarbij tegen door de politiek gestelde grenzen lopen. Er is in dit land op dit moment te weinig (mest)ruimte voor de ambitie van alle veehouders.

Gelukkig zijn er ook burgers die gebruik maken van hun recht op inspraak. Hieronder de dialoog die mw Kenter hield met de leden van de commissie Omgeving en Milieu over haar bezwaar tegen de komst van megastallen.

Mw. Kenter: Geachte voorzitter, geachte commissieleden. Ik ben Mirjam Kenter. Ik woon in Vlagtwedde en daar geniet ik van de rust en de ruimte. Ik ben hier omdat ik mij zorgen maak over de komst van de megamelkveebedrijven naar de provincie Groningen. Ik wil graag drie aspecten noemen.

Allereerst de gevolgen voor het dierenwelzijn. Het is praktisch bijna onmogelijk om koeien weidegang aan te bieden bij aantallen van meer dan 250 koeien. Uit onderzoek van het CLM is gebleken dat koeien die buiten komen, minder welzijnsproblemen hebben en gezonder zijn. Bovendien is recentelijk aangetoond dat weidegang ook goedkoper is.

Schaalvergroting en het wegvallen van het melkquotum in 2015 werken in de hand dat steeds efficiënter gewerkt gaat worden. Als gevolg van het willen behalen van een zo hoog mogelijk rendement zal uitbuiting van de dieren aan de orde van de dag zijn.

Natuurbeheer zal steeds verder naar de achtergrond raken doordat met steeds grotere machines gewerkt gaat worden. Denk bijvoorbeeld aan sleepbemesting, waarbij een lange, zware slang over het gehele perceel getrokken wordt. Van voren naar achteren en van links naar rechts. Alle dieren die zich niet op tijd uit de voeten kunnen maken, worden vernietigd. Wat hier nog bijkomt: als gevolg van op grote schaal niet gefaseerd maaien krijgen weidevogels en andere kleine wilde dieren een steeds kleiner leefgebied.

Bovendien hebben hun jongen steeds minder kans van overleven. Nu gebeurt het geregeld dat melkveehouders niet gelijktijdig maaien, waardoor dieren zich nu nog naar andere, niet gemaaide percelen kunnen begeven.

Ten tweede noem ik de landschappelijke gevolgen en de maatschappelijke draagkracht. Het laten verrijzen van grote industriële gebouwen in het mooie uitgestrekte Groninger landschap zal grote impact hebben op dit landschap. Ik kan mij voorstellen dat dit nadelige gevolgen zal hebben voor het toerisme in de provincie. Karakteristieke landweggetjes zullen veranderen in een labyrint van maïs. Een bedrijf met 1.000 koeien heeft zeker 300 ha maïs nodig. Landbouwpercelen zullen zo efficiënt mogelijk verkaveld worden met weinig sloten en akkerranden, waardoor wilde dieren weinig bescherming meer vinden in het landschap.

Verder zal het aantal vervoersbewegingen toenemen doordat er veel afvoer van onder andere melk en dieren plaats vindt en aanvoer van veevoer. Hier is de plaatselijke infrastructuur vaak niet op berekend. Met uitzondering van de lobbyisten uit de melkveesector is de draagkracht onder de bevolking voor dit soort bedrijven erg klein. Uit allerlei onderzoek is gebleken dat praktisch de gehele bevolking voorstander is van weidegang bij koeien.

Als derde en laatste punt de economische gevolgen. Door de komst van deze megabedrijven zal er geen extra werkgelegenheid ontstaan, de werkgelegenheid voortvloeiend uit kleinere, bestaande bedrijven zal immers komen te vervallen. Het komt vaak voor dat boeren elders in het land uitgekocht worden voor grote bedragen en zich hier in de provincie Groningen vestigen. Dit heeft onnatuurlijke opdrijving van de grondprijs tot gevolg doordat deze boeren meer financiële middelen hebben om grote stukken land aan te kopen.

Schaalvergroting leidt over het algemeen tot goedkopere productie. Hierdoor zullen de melkprijzen onnodig onder druk komen te staan. Ook de biologische sector zal hier schade van ondervinden. De komst van deze grote bedrijven leidt dus alleen tot verrijking van enkele personen.

Dit alles in overweging nemend vraag ik u om het POP dusdanig aan te passen dat koeien niet hun leven lang worden opgesloten in deze megastallen. Ik dank u voor uw aandacht.

De voorzitter geeft gelegenheid tot het stellen van vragen.

Mw. Hazekamp (PvdD) merkt op dat dit een heel ander verhaal is dan het verhaal dat zojuist is gehoord. Zij is blij dat zowel een vorige spreker die een andere kant van de zaak heeft belicht als de laatste spreekster het met elkaar eens zijn dat grote melkveehouderijen grote nadelige gevolgen kunnen hebben. Mw. Kenter gaf aan dat weidegang goedkoper is dan het niet buiten laten van de dieren. Kan zij aangeven waarom dat zo is?

Mw. Kenter antwoordt dat dit gebleken is uit onderzoek dat is gedaan door het Agrarisch Dagblad.

Als de koeien buiten lopen, halen zij het voer zelf op en dan hoeft de boer dat niet te doen. Dat betekent dat er minder loonkosten gemaakt moeten worden en ook minder kosten voor machines.

Bovendien hoeft de boer minder krachtvoer bij te voeren en dat is ook goedkoper.

Dhr. Keurentjes (CDA) wilde dezelfde vraag stellen. Hij is benieuwd naar het onderzoek waarover mw. Kenter sprak. Zij sprak erover dat als het melkquotum verdwijnt, er een efficiëntere bedrijfstak ontstaat. Er zou een causaal verband zijn tussen efficiënter produceren en uitbuiting van dieren.

Kan zij dat toelichten?

Mw. Kenter antwoordt dat het op zich logisch is dat als je efficiënt wil produceren, er iemand de dupe van zal zijn. Het betekent dat de kosten zo laag mogelijk moeten worden gehouden en dat dit in dit geval de koe daarvan de dupe zal zijn.

Dhr. Keurentjes (CDA) vraagt of zij dat kan onderbouwen of dat het hier gaat om een aanname.

Mw. Kenter stelt dat zij dit op dit moment niet paraat heeft, maar dat dit blijkt uit verschillende onderzoeken en dat zij bereid is om dhr. Keurentjes dat onderzoek te doen toekomen.

Dhr. Haasken (VVD) merkt op dat het POP een ruimtelijk document is met een ruimtelijke uitwerking. Begrijpt hij goed dat mw. Kenter vraagt dat PS de weidegang in het POP zouden moeten regelen?

Mw. Kenter antwoordt dat gebleken is dat bij meer dan 250 koeien, de koeien niet meer buiten komen. Als de vestiging van megastallen wordt toegestaan, heeft dat als logisch gevolg dat de koeien niet meer buiten komen. Als die vestiging niet wordt toegestaan is de kans aanmerkelijk groter dat er een hoger percentage koeien buiten komt. Of er zou een verplichte weidegang in bestemmingsplannen moeten worden opgenomen. Dat is praktisch moeilijk, maar het zou een uitdaging zijn voor de boeren om dat te realiseren.

De voorzitter vraagt of mw. Kenter concreet pleit voor een maximaal aantal melkkoeien per bedrijf.

Mw. Kenter merkt op in ieder geval voor weidegang te pleiten. Uit de praktijk blijkt dat de koeien bij een aantal van 250 of hoger niet meer buiten komen.

De voorzitter concludeert dat het issue de weidegang is.

Dhr. Miedema (GroenLinks) heeft hierover een aanvullende vraag. Hoe zou je zoiets het beste kunnen regelen in het POP? Stelt u voor om de grootschalige melkveehouderij te scharen onder de intensieve veehouderij? Of is er een andere oplossing?

Mw. Kenter stelt dat het erop lijkt dat de melkveehouderij onder de intensieve veehouderij geschaard gaat worden.

Dhr. Miedema (GroenLinks) merkt op dat dit niet in het POP gebeurt.

Mw. Kenter antwoordt dat dit in de praktijk er wel op lijkt. Ook varkens en kippen komen niet meer buiten en de toekomst zal zijn dat de koeien ook niet meer buiten komen. Misschien is dat dan niet op papier intensieve veehouderij, maar in de praktijk is dat dan wel zo.

Dhr. Keurentjes (CDA) heeft een vraag betreffende de landschappelijke impact. Mw. Kenter stelde dat grote gebouwen in het buitengebied slecht zijn voor het toerisme en voor het landschap. Maakt dat ene grote gebouw verschil uit met betrekking tot het andere grote gebouw? Er zijn namelijk regels die dit reguleren. Bijvoorbeeld de milieuvergunning, de landschappelijke inpassing en dat soort elementen. Vindt u dan nog dat grote gebouwen lelijk zijn, maar maakt het nog verschil wat er in die gebouwen gebeurt? Bijvoorbeeld of er aardappelen in zitten, koeien of andere zaken?

Maakt dat verschil uit?

Mw. Kenter antwoordt dat het voor haar persoonlijk wel uitmaakt, maar zij denkt dat veel mensen die grote gebouwen lelijk vinden. Het is een persoonlijk gevoel. Uit het rapport van Alterra blijkt ook dat als er nieuwe stallen gebouwd worden, de oude stallen vaak niet gesloopt worden en dat zodoende een verstening van het landschap plaatsvindt. Oude stallen worden dan vaak gebruikt voor opslag van bijvoorbeeld caravans en dergelijke.

Dhr. Keurentjes (CDA) vraagt of mw. Kenter nu bezwaar heeft tegen alle grote dozen in het buitengebied of specifiek als er koeien in gehouden worden. Maakt het uit of er aardappelen of koeien in zitten?

Mw. Kenter stelt dat haar persoonlijke bezwaar groter is als daar koeien in zitten. Zij denkt dat er veel toeristen zijn die elk groot gebouw lelijk zullen vinden en dat als de provincie Groningen vol komt te staan met grote gebouwen dit ten koste gaat van het mooie Groninger landschap.

De voorzitter merkt op dat het issue van mw. Kenter is dat de koeien in de wei moeten staan.

Dhr. Keurentjes (CDA) begrijpt het nog niet. Mw. Kenter sprak over grote gebouwen. Als de koeien buiten lopen, dan zit er niets in die stallen. Maar de buurman heeft net zo’n doos staan en daar zitten aardappelen in. De ene doos vindt zij dan lelijk en de andere niet. Klopt dat?

Mw. Kenter antwoordt dat zij die dozen allebei lelijk vindt.

De voorzitter vat samen. Het eerste punt is dat de koeien naar buiten moeten en het tweede punt is dat grote gebouwen in het buitengebied lelijk zijn.

Labels

A28 (1) aardbeving (2) aardhonden (1) ADHD (1) afschieten (1) afval (1) akkerrandenbeheer (2) alternatief (2) bedrijventerrein (1) beleid (3) besluitvorming (1) bever (2) beverrat (1) bijensterfte (1) bio-industrie (4) biochar (1) biodiversiteit (1) biomassavergisting (1) Blauwestad (3) bomenkap (1) bouw (1) bouwblokken (1) braakligging (1) bus (1) bussen (1) catering (1) CCS (1) chantage (1) chinchilla (1) CO2 (4) COS (1) cursus (1) demagogie (1) dichters (1) diefstal (1) Dierenbescherming (1) dierenleed (1) dierenwelzijn (4) digestaat (1) dood (1) drogredenen (1) duister (1) duurzaamheid (8) economie (3) Eemshaven (3) EHS (6) ekoproducten (4) elektriciteitscentrale (1) energiebeleid (1) energiecentrales (2) energieneutraal (1) exoten (1) export (1) fairtrade (1) faunabeheereenheid (1) faunapassage (1) fiets (1) film (2) flora- en faunawet (2) fluster en duster (1) forum (5) foto's (1) ganzenoverlast (3) gaswinning (2) geldmodel (1) geldverspilling (1) gevaarlijke stoffen (1) gewasbescherming (2) Gezinsbode (3) GGD (1) globalisering (1) Greenpeace (1) groene stroom (2) grondwater (1) hazen (2) heling (1) hengelsport (2) honden (1) incidenten (1) inzamelen (1) jacht (5) jagen (3) jongeren (1) kaart (1) kabelbaan (1) kiekendief (1) klimaat (3) koeien (1) kolen (3) Koningslaagte (3) kosten (1) kwik (1) landbouw (2) leefbaarheid (1) lelies (1) LTO (2) maaibeheer (1) malaria (1) Meerstad (2) megastallen (9) meldpunt (1) melkveehouderij (10) mestkelder (1) mestoverschot (2) mestvergisters (1) metam natrium (1) MFG (1) milieu (5) milieudefensie (1) Milieudienst (1) Milieufederatie (4) muskusratten (5) N33 (1) nacht (1) natuur (5) opvang (1) overlast (1) papier (1) piepschuim (1) plastic (2) politiek (2) POP (6) proef (2) proefdierlaboratorium (1) prooidieren (1) protest (1) Provinciale Staten (6) PvdD (13) ramp (1) ree (1) regionaal (1) regiotram (6) respect (1) roofdieren (1) RUG (1) schade (1) scharreleieren (1) soja (1) Staatsbosbeheer (1) stad Groningen (5) stadjerspas (1) station (1) straatvuil (1) subsidie (1) supermarkt (1) therapie (1) toekomst (1) toerisme (1) tram (2) Transition Town (2) trein (2) uitstoot (1) varkens (1) vegetarisch (1) vergiftiging (4) vergunning (1) verjaagmethode (2) verkiezingen (3) verspilling (2) vervuiling (3) vispas (1) visserij (1) vleermuis (2) vlees (1) vleesconsumptie (1) vleesvervangers (1) voeding (5) voetafdruk (1) VOKO (3) vossen (4) vuurwerk (2) wasbeer (1) waterschap (4) waterwoeler (1) weblog (1) wedstrijd (1) wegaanleg (2) weidegang (2) weidevogels (3) wethouder (1) WHO (1) wild (1) windhandel (1) WOB (1) zeearend (1) Zembla (1)

Zoeken

  Web milieugroningen.blogspot.com